Welkom thuis

Als je zwager en schoonzus op 1 januari om 6 uur landen op schiphol, omdat ze na meer dan tien jaar definitief terugkeren naar Nederland, met hun kinderen, wat doe je dan?

Nou, wij stonden dus om 3 uur op, nadat we er om 1 uur waren ingerold, om ze te verwelkomen. Wat nog geen sinecure was, want de mist zorgde ervoor dat we geen hand voor ogen konden zien en stapvoets reden over de snelweg. Alleen de appjes die we binnenkregen met de verzekering dat het vanaf Deventer, of nee, vanaf Apeldoorn, of nee, toch écht vanaf Amersfoort, beter zou worden zorgde ervoor dat we voorzichtig turend bleven rijden, af en toe jaloers achterom blikkend naar de kinderen, die met kussentjes en dekentjes gewapend achterin lagen te slapen.

Het was het helemaal waard overigens. Natuurlijk. We waren toch nog op tijd, en stonden gewapend met spandoek en opblaasletters en toeters te wachten bij de gate. Waar eerst de een na de andere steward en stewardess ontroerd aangaf dat we dit écht niet hadden hoeven doen, maar ze daarna toch echt zelf de deur door kwamen, en de verrassing op hun gezicht onbetaalbaar was.

We nestelden ons in een hotellounge, om bij te praten, te knuffelen en de kinderen doldriest te zien spelen, alsof ze elkaar gisteren nog hadden gezien. Mooi is dat, van familie.

Rond het middaguur hadden we het gevoel alsof het al bijna avond was, dus besloten we al knikkebollend de terugtocht te maken. Het afscheid is nu maar voor even. Vanaf nu zien we elkaar veel vaker. Het is ontroerend om te zien hoe blij de kinderen daarom zijn.

Na een dutje thuis, en de conclusie dat ons ritme nu definitief naar de mallemoeren was, wipten we nog even aan bij mijn ouders, voor een drankje op het nieuwe jaar, en een paar stukjes puzzelen.

“Samen” en “thuis” zouden de themawoorden zijn, toch, dit jaar? Volgens mij zijn we er goed mee begonnen!

Dag 2019 – Hallo 2020

Ik begin de indruk te krijgen dat voor veel mensen 2019 een pittig jaar was. De een na de ander deelt een bericht op facebook dat erop neerkomt dat ze maar wat blij zijn dat ze het jaar achter zich kunnen laten, en hopen op betere tijden in het volgende. Als je gelooft in de stand van de sterren, of andere globale invloedssferen die zorgen voor de algehele gesteldheid van onze planeet, dan zou het dus best kunnen zijn dat de boel wat onprettig afgesteld stond voor velen. Nou ja, laten we dan maar hopen dat met al het vuurwerk geknal de boel weer wat is losgeschud, en in het nieuwe jaar weer wat aardiger gerangschikt terugvalt op een nieuw plekje.

Op zich vond ik het jaar overigens nog niet eens zo onaardig. De kinderen deden het goed, al liepen ze heus wel eens tegen dingen aan, en is het pubergebeuren best wel eens een uitdaging aan het worden, maar toch. En tuurlijk, er waren wel eens ruzies of onenigheden, en niet alles was even makkelijk, maar goed, ik heb sowieso nogal eens worstelneigingen die niet per se liggen aan de omstandigheden, maar ook best wel eens aan mezelf, dus dat wijt ik niet aan de sterrenstand. Al is het natuurlijk ook best wel eens lekker om daar de schuld aan te geven, bedenk ik me nu. Maar laten we realistisch blijven, in mijn geval zou dat niet helemaal eerlijk zijn.

Al met al was het jaar dus best te pruimen, en heb ik met veel vreugde gekeken naar de groei en bloei van mijn (pre) pubers, genoten van hun perikelen en bokkesprongen en enthousiaste plannen en zelfs ook nog best wel eens de uitvoering ervan, en heb ik vol ontroering gezien hoe lieve en gepassioneerde mensen zich inzetten, steeds maar weer, overal om ons heen, om de wereld een beetje mooier en liever te maken.

We sluiten het jaar af met een ‘soep op de stoep’ moment met alle buren samen. We maken verschillende soepen, er zijn broodjes en oliebollen voor de liefhebbers, en er is glühwein en chocolademelk. Gewoon, gezellig, samen.

Samen. Dat en thuis moeten wel mijn favoriete themawoorden zijn voor dit jaar. En zijn dat sowieso niet de mooiste woorden? Die nemen we mee naar 2020.

Gelukkig nieuwjaar!

Elf

Hij houdt van lego, draken, spelletjes, voetballen, hockeyen, eigenlijk alle sporten, computeren, puzzels, knuffelen, grapjes uithalen, zoetigheid, gekookte aardappelen en bloemkool met een kaassausje, al is spaghetti bolognese misschien nog wel meer favoriet (en laten we pizza en frietjes niet uitvlakken), karten, spelen met Bob de kat, gezellig samen, altijd gezellig samen.

Hij is vrolijk, regelmatig een tikkie verlegen, het volgende moment een grote dondersteen. Hij maakt grapjes, hoort álles (zelfs als hij verzonken lijkt in een donald duck of computerspelletje) en legt daarbij verbanden waar hij ons regelmatig mee versteld doet staan. Hij valt steevast in slaap bij het kijken van the Voice of Holland, al wil hij altijd blijven kijken, en terwijl wij enorm trots op hem zijn en vertrouwen in hem hebben, vraagt hij zich veel te vaak af of hij dingen wel (goed genoeg) kan (terwijl dat nooit een issue blijkt). Hij is lief, zorgzaam, en kan het enorm stom vinden als mensen niet aardig voor elkaar zijn.

En vandaag is hij elf geworden. Elf! Onze jongste.

Volgend jaar gaat hij naar de middelbare school. Daar moet ik nog maar even niet te hard bij stil staan, want dat doet wat geks met mijn buik. Stiekem blijft hij namelijk altijd mijn lieve kleintje, al moet hij dat maar niet horen.

We vieren zijn verjaardag, met veel cadeautjes, spelletjes, bezoek en gezelligheid. En uiteraard met heel veel knuffels.

Elf jaar, lieve Olivier, gefeliciteerd. We zijn zo heel erg blij met jou.

It’s beginning to look a lot like Christmas..

“Dan gaan eerst mama en ik, en dan daarna Lucas en mama, en dan is er nog één wissel, of moeten we nog een vierde ronde doen?”

Het is altijd een spannende bedoening, zo vlak voor kerst, als we met z’n allen de stad in gaan om voor iedereen een cadeautje te kopen. We lopen met geheimzinnige tasjes te slepen, waar niemand anders in mag kijken, en af en toe wordt er hevig gefluisterd.

Uiteindelijk zijn we, net voor de hemel opengaat en er een groteske emmer water naar beneden wordt gestort, allemaal geslaagd en gaan we met onze schatten gauw terug naar huis, waar het inpakken geblazen is, en namen schrijven op cadeautjes, om ze onder de kerstboom te leggen, zodat we allemaal nog even geplaagd worden, door het zien van mooie pakjes met onze naam, maar het nog even een paar daagjes moeten wachten met het openmaken.

It’s beginning to look a lot like Christmas….

Dansmarietje

Langzamerhand beginnen we ons voor te bereiden op het kerstdiner. Het menu is gemaakt, de recepten zijn uitgezocht, boodschappenlijsten opgesteld. We gaan verschillende winkels langs, voor alvast wat ingrediënten, een oriëntatie van waar we dinsdag nog langs moeten en oh, hebben we eigenlijk wel genoeg borden?

Maar hoe dichter de avond nadert, hoe meer de focus verschuift naar een heel ander feestje. Haren moeten gevlochten, een jurkje aangetrokken, wat danspasjes nog één keertje geoefend.

Ze danst af vanavond, voor Brons-ster. En wij mogen mee om haar aan te moedigen.

Bij binnenkomst grijns ik. Alles ademt nog precies die sfeer van de tijd toen ikzelf op dansles zat. De geur, de kleuren, de versiering. Eventjes glijd ik bijna 30 jaar terug in de tijd, voel ik weer de spanning van het kerstbal, de kriebels in mijn buik bij de gedachte dat hij me misschien wel ten dans zou vragen, en het krampachtige afweren van die ene draai naar het midden, waar de mistletoe hing, wanneer ik danste met iemand met wie ik daar zeker weten níet terecht wilde komen.

Terug in het heden kijk ik met een glimlach toe hoe zij zich over de dansvloer beweegt. Met een ernstig snoetje draait en stapt ze, alleen als ze langs ons heen zweeft vliegt er even een lach over haar gezicht. Bij de uitreiking van de diploma’s krijgt ze een eervolle vermelding, ze heeft het hoogste cijfer behaald!

Na de diploma’s gaan ze nog even los op de dansvloer, hossend en springend dit keer. Zodra wij als ouders mee gaan doen vinden ze het echter wel heel erg gortig worden en gaan ze zowaar gewillig mee naar huis. Nog even een ijsje om de hoek (die kinderen zijn niet wijs, op een terrasje, laat op zaterdagavond, bibberend in de kou) en dan de auto in, waar ze haar hoofd op mijn schouder legt en me een kneepje in mijn arm geeft. “Was het leuk?” vraag ik zachtjes. Ze knikt, haar ogen stralen.

Laatste dag voor de vakantie

*
Een beetje slaapdronken drentelt ze de keuken in, nog gehuld in haar warme onesie. Straks is het kerstontbijt op school bij de twee oudsten. Hij heeft gisteren al kokoskoek gebakken bij een vriend, dus hoeft alleen nog maar die kant op te gaan. Maar zij moet nog ‘pigs in a blanket’ maken, en liefst nog veel ook, is het verzoek van haar klasgenoten, want ze vinden het allemaal zo lekker.

Dus rolt ze vrolijk worstjes in bladerdeeg, en nog meer, en nog meer, tot ze een bak vol knapperige hapjes heeft, waar ze vrolijk mee op de fiets stapt. Niet meer in haar onesie trouwens, hoor. Die heeft ze verwisseld voor mijn trui. Het is zover. Mijn kast is niet meer veilig.

*
Even later stappen onze jongste en ik, na een ritje waarin we vol bewondering kijken naar de prachtige roze lucht zo bij het ontwaken van de dag, uit op de parkeerplaats van het ziekenhuis. Hij heeft een intake gesprek voor zijn operatie op 7 januari. Hij doet wel stoer, maar vindt het stiekem best heel spannend. Gelukkig duurt het nog even. Eerst mag hij nog even een laatste dagje naar school en dan vakantie vieren.

Voor ik hem aflever bij school wippen we nog even langs bij de Wens Ambulance, waar ik de kerstkaarten voor de vrijwilligers oppik, om ze thuis te kunnen schrijven en hij even in de ambulances mag kijken. Dat is in ieder geval goede afleiding van het idee van prikjes en narcose en al dat soort engs. Als ik hem aflever op school zit hij alweer vol stoere praatjes. “Hoe laat ben ik klaar met die operatie die dag? Daarna kan ik wel weer gewoon door naar school toch?” Uh huh.

*
Het is middag. Ik pik de jongste weer op van school, taxi de oudste naar wat vrienden, waar ze samen gaan ‘chillen’, en zij komt in een wervelwind van koude lucht met rode wangen van het fietsen binnenvallen, ploft op de bank en zucht eens diep en tevreden.

Het is vakantie.